‘De rover’ van Robert Walser: een weloverwogen boek waaruit absoluut niets geleerd kan worden

tumblr_inline_pg6dsep7ao1s0xvfa_540

De rover (1926), Robert Walsers laatste en meest uitzinnige roman, is eindelijk vertaald. Uitzinnig — en buitenzinnig — is dit glorieus bevreemdend boek in vele betekenissen: het rekt met een eindeloos rijk voorstellingsvermogen het rigide romangenre op tot zijn uiterste grenzen, plooit gaandeweg slinks op zichzelf terug aan de hand van een grondige, genereuze zelfontleding en ontsnapt ondoorgrondelijker-wijs aan elke redelijke vorm van interpretatie. Je moet het lezen om het te geloven, maar De rover is evengoed een farce, als een tragisch liefdesverhaal of een existentiële pastische, ja zelfs een postmoderne metaroman. De rover geeft, net als een Chinese puzzeldoos, zijn diepste geheimen pas prijs aan wie openstaat voor de grenzeloze verbeelding die erin vervat zit. Een ongrijpbare roman, kortom, die naar de keel vliegt, diep ontroert en ronduit perplex doet staan.

Lees verder ‘De rover’ van Robert Walser: een weloverwogen boek waaruit absoluut niets geleerd kan worden