‘Al mijn kappers’ van Willem van Zadelhoff: toespraak bij de boekvoorstelling in CronopiO (23 januari 2020)

25092-1Willem is een literaire laatbloeier. In 2003 debuteerde hij met zijn bejubelde roman EEN STOEL. Dat hij toen al 45 was, is een verwaarloosbaar feit waar hij desalniettemin regelmatig over wordt aangesproken. Zo ook door mijzelf, toen ik hem ongeveer tien jaar geleden interviewde naar aanleiding van het verschijnen van een andere roman GA NIET WEG. Toen ik hem vroeg waarom hij zolang had gewacht met publiceren begon hij te rommelen in een lage buffetkast. Hij toverde een dun boekje tevoorschijn, ‘Kruispunt-Sumier nr. 47’. ‘Dit is mijn echte debuut. Mijn gedicht ‘Want’ werd er gepubliceerd in 1973. Ik was toen 14.’, zei hij kordaat. Lees verder ‘Al mijn kappers’ van Willem van Zadelhoff: toespraak bij de boekvoorstelling in CronopiO (23 januari 2020)

‘Een graf in de wolken’ van Willem van Zadelhoff: zoeken naar de menselijke maat

25090-1In Een graf in de wolken, de zesde roman van Willem van Zadelhoff (1958), keert de auteur terug naar Arnhem, zijn geboortestad en de plek die meer of minder prominent het toneel vormt van zijn zogeheten Holle haven-trilogie, een wijd en zijd bejubeld drieluik over de opkomst en ondergang van de modernistische architectuur, bestaande uit de romans Een stoel (2003), Holle haven (2006) en Ga niet weg (2010). Op de achterflap van het derde deel sprak de uitgever indertijd tamelijk provisorisch over een ‘sluitstuk’, hoewel Van Zadelhoff zelf dergelijke begrenzende terminologie nooit heeft gehanteerd en hij zijn romancyclus — want dat is het nu toch écht aan het worden — eerder ziet als een eindeloos uitdijend work in progress. Wie dacht dat de schrijver klaar is met de familiesaga van de Arnhemse wijnhandelaar Gerrit Kats, komt bedrogen uit. Met Een graf in de wolken maakt Van Zadelhoff negen jaar na het vermeende orgelpunt in één moeite een heuse tetralogie van wat eigenlijk nooit een trilogie is geweest. Lees verder ‘Een graf in de wolken’ van Willem van Zadelhoff: zoeken naar de menselijke maat

‘Benny’ van Bert Moerman: meer vallen dan wandelen

cover BennyMet veel bombarie stuurt uitgeverij Polis Benny, de tweede roman van Bert Moerman (1987), de wereld in. Kosten noch moeite worden gespaard, zo lijk het wel. Het boek kreeg een opvallende vormgeving en werd midden september tot twee keer toe officieel boven de doopvont gehouden, telkens in een café, het soort drenkplaats dat een niet onbelangrijke rol speelt in de plot van Benny. Bovendien was de roman, wellicht om wat marketing-keet te schoppen, de eerste week na de release enkel verkrijgbaar in de boekhandel, nadien pas online. Om het gimmick-gehalte nog wat op te krikken kreeg Benny zelfs een heuse trailer. Maar is al dat opgeklopte sop de kool wel waard? Lees verder ‘Benny’ van Bert Moerman: meer vallen dan wandelen

‘Werk werk werk’ van Christophe Van Gerrewey: de complexiteit van het banale

tumblr_inline_pewa6nufny1s0xvfa_540

In zijn essay ‘Over de ernstige nabootsing van het alledaagse’ (opgenomen in de bundel Over alles en voor iedereen, 2015) schrijft Christophe Van Gerrewey (1982):

Goede literatuur probeert op een talige manier weer te geven wat het betekent om in leven te zijn — hoe er door omstandigheden (en op een specifiek moment in de geschiedenis) geleefd mag worden, hoe er vanuit een maatschappelijke druk geleefd moet worden, en hoe er in ideale omstandigheden geleefd zou kunnen worden.

Dit credo heeft Van Gerrewey in zijn nieuwe roman proberen bekrachtigen. In Werk werk werk richt hij zijn blik op het domein van de arbeid, een maatschappelijk fenomeen dat bij uitstek bepaald wordt door de omstandigheden waarin het zich voordoet. Van Gerrewey zoekt een antwoord op de vraag of wij nu leven om te werken of werken om te leven. En dat levert meer dan ‘goede literatuur’ op. Lees verder ‘Werk werk werk’ van Christophe Van Gerrewey: de complexiteit van het banale