‘Aria van professor Bentoné’ van Dirk Elst: de eeuwige queeste naar dat badkamergevoel

Wie bescherming, warmte en liefde zoekt in deze barre tijden kan met al zijn of haar vragen terecht bij het hoofdpersonage van Aria van professor Bentoné, het romandebuut van schrijver en muzikant Dirk Elst (1975). De naamloze verteller van deze origineel opgezette eersteling weet immers als geen ander wat dé oplossing is voor het grote deficit van de hedendaagse samenleving: een over- en weldadige dosis van ‘het badkamergevoel’. Elst schetst in een levendige, mildironische stijl de ondraaglijke lichtheid van het Vlaamse dorpsleven en de uitzichtloze situatie van wat tegenwoordig bekend staat als het precariaat, een kapstokterm die staat voor een nieuwe bevolkingsgroep van maatschappelijk kwetsbaren, zonder economische vooruitzichten en zonder politieke stem.

Lees verder “‘Aria van professor Bentoné’ van Dirk Elst: de eeuwige queeste naar dat badkamergevoel”

‘Gare du Nord. Belgische en Nederlandse kunstenaars in Parijs (1850-1950)’ van Eric Min: zwier en vakmanschap

In Gare du Nord beschrijft auteur, essayist en criticus Eric Min (1959) hoe kunstenaars uit de Lage Landen — schilders, schrijvers, musici en fotografen — onweerstaanbaar werden aangetrokken door Parijs, van 1850 tot 1950 het onbetwiste epicentrum van de toenmalige culturele wereld. De vaste debarkeerplek voor al dat vreemd gebroed was het luisterrijke treinstation Gare du Nord, nog steeds het eindstation voor wie vanuit het noorden Parijs aandoet. Gare du Nord wekt op meeslepende wijze het mythische Parijs van weleer tot leven en vertelt een tijdloos verhaal van talent en opportunisme, succes en mislukking, vriendschappen en intriges, feesten en fiasco’s.

Lees verder “‘Gare du Nord. Belgische en Nederlandse kunstenaars in Parijs (1850-1950)’ van Eric Min: zwier en vakmanschap”

‘All by myself’ van Martijn Doolaard: de queeste van een visuele dichter

ALL BY MYSELF is de neerslag in boekvorm van een kunstenaarsloopbaan, een opzienbarend parcours dat inmiddels ruim twintig jaar omspant. Een titel die vrij vertaald ‘helemaal alleen’ betekent, is in ieder opzicht raak gekozen voor een oeuvreboek dat een gul en uitgebreid overzicht wil geven van het werk van de Nederlandse fotograaf Martijn Doolaard (°Assenede, 1965). Het ‘zelf’ — lees ‘het individu’ — staat immers centraal in Doolaards werk en vormt ontegensprekelijk een van zijn belangrijkste thema’s. Het is bijgevolg weinig verwonderlijk dat nagenoeg al zijn foto’s portretten zijn, met bovendien hoogst uitzonderlijk meer dan één geportretteerde. Dat er tevens een aantal zelfportretten tussen zitten is evenmin een verrassing.

Lees verder “‘All by myself’ van Martijn Doolaard: de queeste van een visuele dichter”

‘Exces’ van Persis Bekkering: rave als de ultieme utopie

Dat ze indringend over klassieke muziek kan schrijven bewees Persis Bekkering met haar debuut Een heldenleven (2018). In opvolger Exces heeft ze het over een geheel andere soort muzikale beleving: de ravecultuur, die ze schetst als ‘een herhaling van nu’s, waarin er enkel een intens heden bestaat’.

[fragmenten]

Lees verder “‘Exces’ van Persis Bekkering: rave als de ultieme utopie”

‘Kinderscènes’ van Valery Larbaud: de duistere zijdes van de kindertijd

Voor het eerst zijn de Enfantines (1918) van Valery Larbaud (1881-1957) integraal naar het Nederlands vertaald. André Gide roemde de ‘pure tover’ van deze nostalgische jeugdherinneringen uit de belle époque en ook Marcel Proust was een hevig bewonderaar. Kinderscènes bundelt negen messcherpe vertellingen, die de lezer meevoert naar gene zijde van een ogenschijnlijk onschuldige kindertijd.

Lees verder “‘Kinderscènes’ van Valery Larbaud: de duistere zijdes van de kindertijd”

‘Mijn hoofd is een zieke vulkaan’ van Charles Baudelaire: de brieven van een protopunker

Hij heeft er 200 jaar op moeten wachten, maar Charles Baudelaire (1821-1867) is eindelijk opgenomen in het pantheon van Privé-domein. Mijn hoofd is een zieke vulkaan is de eerste, uitgebreide selectie van Baudelaires correspondentie in het Nederlands, vakkundig bezorgd en bevlogen vertaald door Kiki Coumans. Deze meer dan  lezenswaardige brieven geven niet alleen een verrassend en bij momenten onthutsend beeld van de ultieme poète maudit, maar ontkrachten ook enkele vastgeroeste mythes over de auteur van Les fleurs du mal en Le Spleen de Paris of plaatsen deze op zijn minst in een ruimere, literair-historische context.   

Lees verder “‘Mijn hoofd is een zieke vulkaan’ van Charles Baudelaire: de brieven van een protopunker”

Requiem voor een mislukkingskunstenaar: Koenraad Goudeseune (1965-2020)

Schrijver Koenraad Goudeseune (1965) koos op 9 december 2020 voor euthanasie nadat een ongeneeslijke kanker bij hem was vastgesteld. Vandaag zou hij 56 geworden zijn. Portret van een nukkige dwarsligger en onversneden romanticus, een nicheauteur die ondanks alles toch een poëtisch oeuvre schiep dat er staat.

[…] fragmenten

Lees verder “Requiem voor een mislukkingskunstenaar: Koenraad Goudeseune (1965-2020)”

‘Messentrekkers’ van Karel De Sadeleer: een frivole levensroman vol verhalen

Met Messentrekkers tekent Karel De Sadeleer ongetwijfeld voor een van de opmerkelijkste Nederlandstalige debuten van de voorbije jaren. Een entree met een donderslag, want alles, werkelijk alles, is buitensporig aan deze zinderende en in velerlei opzicht radicale eersteling. Messentrekkers is een uitzinnig verhalenkabinet, doorspekt met absurd-venijnige humor die zout op de vele wonden van de meritocratie strooit en doordrongen is van schaamteloze scatologische frenesie om de waan van de dag mee te kruiden. Deze uit het niets opgedoken roman is niet alleen een begeesterende hymne aan de vertelkunst, maar ook een vernuftig gecomponeerde, duizelingwekkende angstdroom over identiteit, herinnering, migratie en een betere toekomst.  

Lees verder “‘Messentrekkers’ van Karel De Sadeleer: een frivole levensroman vol verhalen”

‘Een man met goede schoenen’ van Rob van Essen: tuinkabouters als stootkussen

Op de voorflap van Een man met goede schoenen, Rob van Essens (1963) derde verhalenbundel, prijkt de op het eerste gezicht onschuldige afbeelding van een olijke kabouter die een kruiwagen voortduwt. Het colofon vermeldt dat het beeld is geplukt van Shutterstock, een gigantische online databank met rechtenvrije stockafbeeldingen. De garden gnome van Tomacco is door de grafische vormgever echter licht bewerkt: de glanssporen op de muts van de kabouter zijn verdwenen, alsook de vergulde gespen op zijn laarzen en riem én de madeliefjes in het gras en de kruiwagen. Stockafbeeldingen geven een soort standaard weer: het zijn weergaves van een zekere maatstaf, inwisselbare beelden als toetsstenen van gangbaarheid. Soms zijn de ijkpunten waartussen het normale zich afspeelt rekbaar, zoals de behoorlijk hilarische Instagram-account Stutter.shock van kunstenaar Jasper Rigole aantoont. Dat principe van wat ik ‘flexibele normaliteit’ zou durven noemen, ligt aan de basis van de twintig verhalen in Een man met goede schoenen en bij uitbreiding van Van Essens gehele oeuvre.  

Lees verder “‘Een man met goede schoenen’ van Rob van Essen: tuinkabouters als stootkussen”